Anders kijken naar ondersteuning in mobiliteit

Annemiek Scheijde, werkzaam bij Cliëntenbelang Amsterdam, als projectleider van Life Coach. Life Coach biedt mensen met een chronische ziekte of functiebeperking ondersteuning in de vorm van coaching door ervaringsdeskundigen.

Wat moet er volgens jou hoger op de politieke agenda?

Persoonlijke mobiliteit; bij persoonlijke mobiliteit gaat het erom dat mensen met een beperking zich zo zelfstandig mogelijk van A naar B kunnen verplaatsen. Met de hulpmiddelen die ze daarbij nodig hebben. Dit is opgenomen in het VN-Verdrag Handicap.

Waarom?

‘Ik merk dat de vertaling van persoonlijke mobiliteit in de praktijk vaak gaat over mobiliteit naar werk toe of mobiliteit binnen de gemeentegrenzen. Met weer een andere regeling voor buiten de gemeentegrenzen. Een paar jaar geleden heb ik mijn auto moeten inleveren, toen mijn toenmalige werk verviel. Het kostte mij veel tijd en energie om dit weer opnieuw te regelen.’

Volwaardig familielid en vriendin

Participatie gaat volgens Annemiek dan ook om veel meer dan werk. ‘Het gaat om volwaardig lid van je familie zijn, een wandeling in het bos te maken wanneer je wilt en boodschappen te kunnen doen wanneer dat jou uitkomt. Zonder steeds afhankelijk te zijn van iemand anders. Je vrij kunnen verplaatsen is geen luxe.’

Annemiek heeft een elektrische rolstoel en een aangepaste auto. De mobiliteit die haar dat geeft doet veel met haar eigenwaarde en het gevoel haar leven in eigen handen te hebben. ‘Voor de corona-maatregelen ging ik wekelijks  zwemmen met vriendinnen. Met mijn auto haal ik mijn vriendinnen op. Zij helpen mij met omkleden. Zo helpen we elkaar. Daardoor voel ik me een volwaardige vriendin. Dat zou zonder auto echt anders zijn.’

Breder kijken naar mobiliteit

De overheid moet dan ook anders gaan kijken naar ondersteuning in mobiliteit, aldus Annemiek. ‘Het gaat niet alleen om een voorziening om op je werk te kunnen komen, maar om ondersteuning om zelfstandig te kunnen leven. Om alle mogelijkheden van een persoon zoveel mogelijk te benutten, is meer maatwerk nodig. De unieke mens moet hierbij centraal staan. Voor de een voldoet bijvoorbeeld een scootmobiel of een elektrische fiets in combinatie met taxivervoer, terwijl de ander een auto nodig heeft om zich volwaardig onderdeel te voelen van zijn of haar omgeving.’

Annemiek vindt dat het nu vaak te ingewikkeld is om passende hulpmiddelen te krijgen. ‘Mensen worden teveel gezien als overvragend of zelfs als potentieel fraudeur. Lokale voorzieningen en financieringsstromen zijn te veel opgeknipt. Dat is onnodig complex en het leidt tot besluiten over voorzieningen op allemaal deelgebiedjes.  Dat leidt soms tot dubbele voorzieningen en soms tot helemaal geen voorziening. Van de landelijke politiek zou ik willen vragen die lokale voorzieningen en financieringsstromen weer bij elkaar te pakken. Zodat je een zo groot mogelijke mate van zelfstandigheid en slagvaardigheid creëert voor mensen met een beperking. Waardoor zij een volwaardig leven kunnen leiden.’

Beeld: Nathalie Hennis Photography